>> Home
>> Genealogie
>> Plaatsen
>> Links
>> Contact

 

 

1680 Bron: GA Vlaardingen fol 21 v

Rechtdag verslag van de 1e april 1680 fol. 21 v

contra Ary Cornelisz Wogelom bouwman wonende in Vlaerdingerambacht gedaagde
Den eij(es)r dede segen en si waer alhoewel bij het derder articul vande particuliere ordonnantie opden impost vant branthout geëmaneert, (uitgegaan, uitgevaardigd) niemant en vermagh eenigh branthout te v(er)coopen en aenden cooper te leveren voor ende aleer de selve sijn getelt door geswooren telders en deselve getelt sijnde door deselve aenden pachter ofte desselffs collecteur telckens bekent te maken, omme bijden v(er)cooper den impost daer van te hebben bet(aald) voor en aleer hij buijten de stadt off plaetse soude mogen v(er)trecken echter den ged(aagd)e sigh niet ontsien heeft niet jegenstaende hij vant selve te doen was aengemaent is gebleven weijgericgh en ingebreecke, waer door hij telckens tot drie distincte reijsen ingevolge vant vs(voorseide) derde art. heeft v(er)beurt een somme van driemael twintigh g(ulden) en volgens den generalen placcate een somme van 200 g(ulden)
Conclud(eer)t derhalve om die en andere redenen nader te deduceeren datden ged(aagd)e sal werden gecomdemneert ingevolge vant vs. Derde art in een boete van driemael 20 g(ulden) en ingevolge vanden generalen placcate in een boete van 200 g(ulden) maeckende in cas van debat eijsch van Costen ofte tot anderen ect.

verslag van een rechtdag den 14 october 1680 fol. 24 verso

opges(chreven ) op een zegel a: 1-4-0
rechtdagh den 14e october 1680
Arij van Noort cum socijs pachter vanden impost vant branthout over de steeds Vlaerdinge ende den resorte vandien vanden termijn ingegaen den 1e april 1679 mitsg(ader)s M(eeste)r Pieter Reael Bailliuw der selver steeds gevoeghde eij(se)r in cas van fraude en(de) contraventie
Contra
Arij corn. Van wogelom woonendee in Vlaerdingerambaght ged(aagd)e int selve cas
Emmeraet exhibeerende behoorel(ijke) procuratie vanden eij(se)r van Noort doet eijsch ende concludeert pro?t in Schriptis
Benier voor den ge(aagd)e , v(er)souckt copie, eijsh ende dach ten naesten Emmeraet fiat. Den 28 octob. 1680 om(m)e te antwoorde benier voor den ged(aagd)e ontkent wel expressel(ijk) eeniger maeten gefrau(eer)t ofte gecontravenieert te hebben, om(m)e die en(de) andre redene nader ten processe (ist noot) te deduceren.
Conclud(eer)t ten fine van niet ontfanckel(ij) en(de) bij ordine dat
Dese eijsh en(de) conclusie soo die in scriptis is o(ver)gelev(er)t staet geregistreert infra folio 24 verso.